Profetie, groepsdruk en onderscheid

Beth Moore (1957; Wikipedia) was een belangrijke woordvoerder voor duizenden vrouwen uit de evangelicale beweging in Amerika. Ze werd gevraagd bij vrouwengroepen om te komen spreken en uiteindelijk trok ze volle zalen. “Moores toehoorders snakten naar iemand die hun levens begreep, die van het volgen van Jezus naadloos kon overstappen op het vinden van goede kinderopvang”, zo schrijft Christelijk Weekblad over haar. Haar succes was ook te danken aan het feit dat ze goed in de gaten hield hoe ver ze kon gaan als vrouw.

Maar sinds evangelicale leiders en groepen het vaak vrouwonvriendelijke en intimiderende gedrag van hun president Trump goedpraten en toedekken, onderscheidt Moore zich en spreekt ze niet langer de taal van de meerderheid van haar groep. Nadrukkelijk tekent ze protest aan en roept ze haar achterban op om wakker te worden. Het gevolg was een drastische daling van de bezoekersaantallen en van de verkoop van haar boeken. Moore moet zich richten op God, riep haar vroegere achterban. Maar dat is nu precies wat ze deed en doet, zei Moore zelf. Alleen vraagt dat blijkbaar een tandje meer dan haar achterban slikken wil.

Een spreekwoord zegt: ‘wiens brood men eet, diens woord men spreekt’. Ik vind het dapper dat Moore zich daarin onderscheid. Jezus zei: een profeet is in zijn eigen land niet geëerd (Matteüs 13:57, Marcus 6:4). Omdat een profeet naar het woord van God luistert en dat verkondigt, ook als dat niet is wat de mensen (ook de kerk!) horen willen. Iemand zei: “degene die de mensen meer vreest dan dat hij God vreest, is zijn roeping niet waardig.”

Die stem van profetie is sinds Bijbelse tijden altijd al stekelig geweest. Dat hoort blijkbaar zo, omdat je bij de les moet blijven. Daarom geloof ik dat die stem hard nodig blijft.

Ds. Gert Oostermann

Laat een bericht achter

*